Jules is tien jaar wanneer hij naar Belgisch-Congo verhuist,
waar zijn papa opzichter is in de kopermijnen. Daar leert
hij Senga kennen, de zoon van een van papa’s boys.
De twee jongens worden onafscheidelijk, maar hun
vriendschap mag niet bestaan. Kan Jules zijn vriend
beschermen tegen de harde hand van zijn vader?
Vijfenzestig jaar later is Jules een oude man,
en de herinneringen aan Congo laten hem niet los.
Samen met zijn kleindochter Mila keert hij terug,
één laatste keer.Lees meer ...